De loondoorbetaling bij ziekte is niet ingekort. Minister Aartsen (Werk en Participatie) stuurde de Tweede Kamer op 8 september 2026 scenario's, geen wetsvoorstel. Een werkgever betaalt een zieke werknemer nog steeds minimaal 70% van het loon door, gedurende 104 weken, en in het eerste jaar minimaal het wettelijk minimumloon. Maatregelen die extra WIA-instroom geven, noemt de brief op korte termijn niet uitvoerbaar door de achterstanden bij het UWV.
Wat is loondoorbetaling bij ziekte?
Loondoorbetaling bij ziekte is de wettelijke plicht van de werkgever om het loon door te betalen zolang de werknemer ziek is en de arbeidsovereenkomst loopt. De brief formuleert de huidige norm zo: minimaal 70% van het loon, tot aan het maximumdagloon, gedurende 104 weken, tenzij de arbeidsovereenkomst eerder eindigt. In het eerste ziektejaar is die loondoorbetaling minimaal 100% van het wettelijk minimumloon. Daarnaast gelden voor werkgever en werknemer re-integratieverplichtingen.
Dat is de wet van nu. De brief van 8 september 2026 vervangt die norm niet.
Bron: Kamerbrief scenario's loondoorbetaling bij ziekte, 8 september 2026 (Kamerstuk 32 716, nr. 70). Publicatiegegevens: Eerste Kamer en open.overheid.nl.
Wat staat er in de Kamerbrief van 8 september 2026?
De brief geeft uitvoering aan het coalitieakkoord en aan twee moties: de motie van Kamerlid Ceulemans over scenario's voor loondoorbetaling bij ziekte, met nadruk op het midden- en kleinbedrijf, en de motie van de leden Dijk en Yeşilgöz-Zegerius over collectivisering van het tweede ziektejaar voor kleine werkgevers. Het kabinet beschrijft ook de randvoorwaarden bij die collectivisering, als basis voor overleg met de Kamer en de sociale partners.
De brief zegt uitdrukkelijk dat dit geen voorstel is. De scenario's zijn input voor het politieke en maatschappelijke debat. Voorstellen die per saldo een intensivering van de rijksbegroting zijn, hebben op dit moment geen dekking. De budgettaire doorrekening staat in de bijlage bij de brief.
Daarnaast is het kabinet een knelpuntenanalyse van de Wet verbetering poortwachter gestart. Doel: minder administratieve lasten en belemmeringen, en effectievere re-integratie. De minister schrijft dat hij de Kamer daar eind dit jaar nader over informeert.
Welke zes scenario's schetst het kabinet?
De brief werkt zes richtingen uit. Geen ervan is besloten.
- Bovenwettelijke aanvulling beperken. In de praktijk ligt de doorbetaling vaak boven het wettelijke minimum. De brief verwijst naar Cao-afspraken 2026 (SZW, 18 mei 2026): van de werknemers in dat onderzoek (141 cao's, ongeveer 5,4 miljoen werknemers) heeft ten minste 99% recht op een bovenwettelijke aanvulling. Ongeveer 75% van de werknemers valt onder een cao. Circa 80% van de werknemers die onder een cao vallen, heeft over twee jaar ziekte recht op 170% of meer van het loon. De meeste werknemers krijgen daardoor over twee ziektejaren 170% of meer van hun jaarloon doorbetaald. Voor meer dan de helft van de werknemers gaat het in het eerste jaar om volledige doorbetaling. Afspraken daarover maken werkgevers en werknemers zelf. Of de overheid die ruimte mag beperken, moet volgens de brief nog juridisch worden uitgewerkt.
- De termijn inkorten van twee jaar naar anderhalf of één jaar. Dan schuift ook de wachttijd voor de WIA mee, en wordt ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid in dat scenario mogelijk na één of anderhalf jaar. De directe verzuimkosten voor de werkgever dalen. Per saldo verwacht het kabinet meer WIA-aanvragen en meer instroom, omdat in het tweede ziektejaar nu nog veel mensen herstellen die anders de WIA-poort niet bereiken. De totale kosten voor werkgevers stijgen in dit scenario, omdat de hogere WIA-instroom via werkgeverspremies wordt betaald.
- Het tweede ziektejaar voor kleine werkgevers collectiviseren. De loondoorbetalingsplicht van 104 weken blijft dan bestaan. De loonkosten van de kleine werkgever in het tweede jaar worden collectief gedragen, zonder de rechten van de werknemer af te schaffen. De brief schetst een private verantwoordelijkheid in het eerste jaar, een gedeelde verantwoordelijkheid in het tweede jaar, en vanaf het derde jaar (WGA) een private of publieke verantwoordelijkheid. Ook dit scenario verhoogt naar verwachting de WIA-instroom, omdat de prikkel om te re-integreren afneemt. Een vergelijkbaar plan uit het regeerakkoord van 2017 is in 2018 niet doorgegaan, wegens gebrek aan draagvlak.
- De loonsanctie inkorten van maximaal 52 weken naar maximaal 26 weken. De maximale periode van loondoorbetaling wordt dan 2,5 jaar in plaats van 3 jaar. Ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid kan dan uiterlijk na 2,5 jaar, tenzij de bedrijfsarts daarna nog herstel binnen 26 weken mogelijk acht. De brief merkt op dat dit vooral werkgevers ontlast die hun re-integratieverplichtingen niet nakomen.
- De ontslagtoets na langdurige arbeidsongeschiktheid vereenvoudigen. Als het UWV bij de RIV-toets oordeelt dat de re-integratie-inspanningen voldoende waren, zou de werkgever in dit scenario eenzijdig kunnen opzeggen, zonder toestemming van het UWV. Is er wel een loonsanctie, dan blijft de preventieve ontslagtoets gelden.
- De no-riskpolis uitbreiden naar tweede spoor tijdens de loondoorbetaling. Wie niet terugkeert bij de eigen werkgever, re-integreert nu meestal via detachering, zodat het dienstverband en een mogelijk recht op transitievergoeding in stand blijven. Een ruimere no-riskpolis zou een nieuwe werkgever eerder in dienst kunnen laten nemen. De doelgroep en de voorwaarden zijn nog niet vastgesteld.
Kleine werkgevers ervaren de huidige plicht als zwaar, schrijft de minister. De brief noemt, met een verwijzing naar SEO (2025), dat ongeveer 70% van de ondernemers met 2 tot 50 werkzame personen zich privaat heeft verzekerd, en ongeveer 60% van alle werkgevers. Een ouder onderzoek dat de brief aanhaalt, Panteia (2014), zei dat 45% van hen de plicht een belemmering vindt om mensen vast in dienst te nemen. Dat percentage is dus niet een meting uit 2026.
Wat doen die scenario's met de WIA en de Whk-premie?
Twee gevolgen staan in de brief zelf, en die raken de Werkhervattingskas pas als een scenario ook echt wet wordt.
Inkorten van de loondoorbetaling leidt tot meer WIA-aanvragen en meer instroom. Die hogere instroom wordt via de premies van werkgevers betaald. Collectivisering van het tweede ziektejaar heeft hetzelfde richtingeffect op de WIA-instroom, omdat de financiële prikkel om te re-integreren kleiner wordt. De brief zegt dat dit effect bij kleine werkgevers beperkt is en bij grotere werkgevers aanzienlijk groter.
Dat is geen premiepercentage voor 2027. De gedifferentieerde Whk-premie voor 2027 is al vastgesteld, los van deze brief: gemiddeld 1,07% WGA en 0,60% ZW. Die cijfers en de loonsomgrenzen staan in Whk-premies 2027. Jouw percentage staat op de beschikking, niet in een scenariobrief: WHK-beschikking lezen. De reeks tot en met 2026 staat op de premiehistorie.
De brief zegt ook waarom je hier nu niet op kunt plannen alsof de termijn al korter is. Een aantal maatregelen geeft extra WIA-instroom. Vanwege de achterstanden bij het UWV zijn ze op korte termijn niet uitvoerbaar. Wat die achterstand concreet betekent voor een herbeoordeling, staat in UWV herbeoordeling 2026. De eenmalige WIA-vergoeding is een andere route en verhoogt de WGA-premie niet: WIA-herstelactie en de 60-plusmaatregel.
De orde van grootte van een uitkering ná een eventuele WIA-beoordeling reken je indicatief met de WIA-calculator. Algemene premievragen: FAQ.
Wat check je zolang de wet niet wijzigt?
De loondoorbetaling, de wachttijd van 104 weken en de loonsanctie van maximaal 52 weken blijven de regels waar je het dossier op inricht. Een scenario is geen vrijstelling.
- Houd het plan van aanpak en het tweede spoor bij op de huidige termijnen. Te laat starten blijft een gangbare grond voor een loonsanctie. Meer over dat traject: tweede spoor.
- Wacht niet met een WIA-dossier tot een kortere wachttijd wet is. Die wet is er niet.
- Lees de Whk-beschikking op de toerekening die al vaststaat. Een toekomstige stelselwijziging haalt een fout in de bijlage niet weg. Controle aanvragen: WHK-beschikking controleren.
- Behandel de no-riskpolis op de doelgroepen die nu gelden. Uitbreiding naar het tweede spoor is een scenario, geen recht dat je al kunt inroepen.
De minister wil hierover in gesprek met de Kamer en de sociale partners. Tot die uitkomst blijft de individuele loondoorbetaling van twee jaar de norm, ook voor een kleine werkgever.
Veelgestelde vragen
Is de loondoorbetaling bij ziekte per 2027 al korter? Nee. De brief van 8 september 2026 is geen wetsvoorstel. De plicht blijft minimaal 70% gedurende 104 weken, en in het eerste jaar minimaal het wettelijk minimumloon.
Geldt collectivisering van het tweede ziektejaar al voor kleine werkgevers? Nee. Dat is een van de scenario's, uitgewerkt naar aanleiding van een motie. De loondoorbetalingsplicht van 104 weken blijft in dat scenario bestaan. Er is nog geen regeling en geen ingangsdatum.
Stijgt mijn Whk-premie door deze brief? Niet door de brief zelf. De premie voor 2027 is al vastgesteld (gemiddeld 1,07% WGA en 0,60% ZW). De brief schetst alleen dat een toekomstige inkorting de werkgeverskosten kan verhogen, omdat extra WIA-instroom via premies wordt betaald.
Is de loonsanctie al maximaal 26 weken? Nee. Inkorten van maximaal 52 naar maximaal 26 weken is scenario 4 in de bijlage. Zolang dat niet in de wet staat, blijft de loonsanctie maximaal 52 weken.
Wanneer komt er een vervolg? De minister informeert de Kamer eind dit jaar over de knelpuntenanalyse van de Wet verbetering poortwachter. Over de scenario's zelf gaat het kabinet in gesprek met de Kamer en de sociale partners. Een invoeringsdatum noemt de brief niet.
Volgende stap: Gratis WHK-beschikking check
Of een dossier op jouw bijlage hoort, zie je op het stuk van de Belastingdienst, niet in een scenariobrief. Doe de Gratis WHK-beschikking check of vraag een controle aan via WHK-beschikking controleren. Neem de beschikking en de bijlage mee. Dit stuk legt de Kamerbrief uit. Het is geen oordeel over een lopend verzuimdossier.

