Voor de Whk-premie 2027 ben je een kleine werkgever bij een premieplichtige loonsom in 2025 tot en met €1.135.000, middelgroot daarboven tot en met €4.540.000, en groot boven €4.540.000. Klein betaalt de sectorpremie. Groot betaalt een individueel tarief. Middelgroot betaalt een mix van die twee. Dit zijn de grenzen uit het UWV-overzicht, geen inschatting van jouw percentage.
Welke loonsomgrenzen gelden in 2027?
Het UWV rekent voor 2027 met een gemiddeld premieplichtig loon van €45.400. In 2026 was dat €43.300. De grootteklasse is een veelvoud van dat gemiddelde:
- Klein: loonsom tot en met 25 keer €45.400, dus €1.135.000 (2026: €1.082.500).
- Middelgroot: meer dan €1.135.000 en tot en met 100 keer €45.400, dus €4.540.000 (2026: €4.330.000).
- Groot: meer dan €4.540.000.
Voor premiejaar 2027 kijkt het UWV naar de loonsom van 2025 (twee jaar eerder) en naar het gemiddelde loon van alle werknemers in datzelfde jaar. Een loonsom die in de premiestelling 2026 net boven €1.082.500 of €4.330.000 zat, kan daardoor in 2027 in een lagere klasse vallen als de loonsom van 2025 niet is meegestegen. Dat is een controlepunt, geen automatische premiedaling. Wat de overgang in premiejaar 2026 betekent, staat in groot of klein werkgever.
Bron: Gedifferentieerde premies WGA en Ziektewet 2027 (UWV, pdf), het Besluit gedifferentieerde premie Werkhervattingskas 2027 (Staatscourant 2026, 24832) en wetten.nl, BWBR0052949. De landelijke gemiddelden (WGA 1,07% en ZW 0,60%) staan in Whk-premies 2027. Oudere jaren: premiehistorie.
Wat betaalt klein, middelgroot of groot?
De gedifferentieerde Whk-premie heeft twee delen: WGA en Ziektewet-flex. De klasse geldt voor allebei.
- Kleine werkgever: de premie is de sectorale premie van jouw sector. Eigen WGA- of Ziektewetdossiers veranderen jouw percentage niet. Het UWV stuurt een mededeling, geen individuele beschikking.
- Grote werkgever: de premie is individueel. Die bestaat uit het gemiddelde percentage plus een opslag of korting op basis van jouw werkgeversrisico. Je krijgt een beschikking.
- Middelgrote werkgever: een gewogen gemiddelde van de sectorale en de individuele premie. Hoe dichter je loonsom bij €1.135.000 zit, hoe zwaarder de sectorpremie. Hoe dichter bij €4.540.000, hoe zwaarder het individuele tarief. Ook dan volgt een beschikking.
De Belastingdienst stuurt die stukken vóór het premiejaar. Eind 2026 gaat het om de percentages voor 2027. Bron: de premienota van het UWV.
Het UWV beschrijft de weging zo: wegingsfactor = (loonsom van de werkgever min de grens klein/middelgroot) gedeeld door (de grens middelgroot/groot min de grens klein/middelgroot). De premie is die factor maal de individuele premie, plus het restant maal de sectorale premie. Er zijn 67 sectorpremies. Die tabel staat in het UWV-overzicht, niet in dit artikel.
Ben je eigenrisicodrager voor de WGA of de Ziektewet, dan geldt het bijbehorende publieke percentage niet. De klasse blijft wel relevant voor het deel dat je publiek verzekerd laat. De termijn voor een start per 1 januari 2027 is verstreken: ERD per 1 januari 2027.
Welke premiegrenzen horen bij welke klasse?
Het minimum en maximum gelden voor de individuele premie, dus bij grote werkgevers en als bouwsteen van de mix. Voor 2027 is dat bij de WGA 0,26% tot 4,28%, en bij de Ziektewet 0,15% tot 2,40%. Sectorale premies zijn niet aan die band gebonden. Een kleine werkgever kan dus onder het minimum of boven het maximum uitkomen. Ook de gewogen premie van een middelgrote werkgever kan buiten die band vallen.
Voor sector Uitzendbedrijven geldt een afwijkend Ziektewetmaximum: 5,96% in 2027 (1,75 maal de sectorale Ziektewetpremie van die sector). Voor de WGA geldt dat afwijkende maximum niet. Waarom de Ziektewetpremie in 2027 hoger ligt dan de lopende uitgaven, staat in Ziektewet-flexpremie 2027.
Hoe één WGA-dossier in de mix doorwerkt, met de grenzen van 2026, staat in het rekenvoorbeeld WGA-instroom. De orde van grootte van de uitkering zelf: WIA-calculator.
Wat controleer je op de beschikking?
Drie dingen, in deze volgorde.
- Loonsom en klasse. Staat de loonsom van 2025 goed, en klopt klein, middelgroot of groot bij de grenzen hierboven? Een klassewisseling verandert de systematiek, los van een nieuw dossier.
- WGA-deel en ZW-deel apart. Vergelijk ze met het landelijk gemiddelde en, bij klein, met je sector. Boven het gemiddelde is een signaal om de bijlage te openen, geen bewijs van een fout. Uitleg per veld: WHK-beschikking lezen en beschikking uitleg.
- Toerekening. Bij middelgroot en groot telt de bijlage. Bij klein niet voor jouw eigen percentage. Algemene vragen: FAQ.
Veelgestelde vragen
Ben ik klein als mijn loonsom precies €1.135.000 is? Ja. Het UWV rekent een loonsom tot en met 25 keer het gemiddelde premieplichtige loon als klein. Precies €1.135.000 is dus klein. Pas daarboven begint middelgroot.
Welk jaar telt voor de klasse in premiejaar 2027? De premieplichtige loonsom van 2025. Het gemiddelde loon waarmee de grenzen zijn berekend, is ook dat van 2025: €45.400.
Verandert één WGA-dossier mijn premie als ik klein ben? Nee. Een kleine werkgever betaalt de sectorpremie. Een extra dossier verschuift jouw percentage niet. Bij middelgroot en groot weegt de eigen last wel mee.
Krijgt een kleine werkgever een beschikking? Nee. Het UWV schrijft dat kleine werkgevers een mededeling krijgen over de sectorale premie, en middelgrote en grote werkgevers een beschikking met hun percentage.
Geldt het maximum ook voor mijn sectorpremie? Nee. Minimum en maximum begrenzen de individuele premie. De sectorpremie kan daarbuiten liggen. Alleen sector Uitzendbedrijven heeft voor de Ziektewet een eigen maximum, 5,96% in 2027.
Volgende stap: Gratis WHK-beschikking check
Klopt de klasse op jouw stuk, en hoort de bijlage bij een middelgroot of groot tarief? Doe de Gratis WHK-beschikking check of vraag een controle aan via WHK-beschikking controleren. Neem de laatste mededeling of beschikking mee. Dit is geen premieberekening en geen advies om eigenrisicodrager te worden.

